Kamp Conrad: een weiland en een monument.

Als je vanuit kamp Beugelen over de lange weg door Staphorst rijdt zie je aan beide kanten oude boerderijen liggen. Strak geschilderd, vaak nog met een klompenhok en melkbussen. Die laatste zijn voor de sier, want melkbussen worden als sinds het begin van de eeuw niet meer gebruikt. Tekenend is wel dat Staphorst en Rouveen tot het laatst de melkbus hebben gebruikt en er is in Rouveen zelfs een melkbussen monument. Aangezien ik allergisch ben voor melk en de geur al tot reacties lijdt hebben we dit toeristische punt maar overgeslagen. Als de weg een bocht maakt richting het dorp Rouveen is aan de rechterhand de Conradsweg met daar het kamp Conrad. Deze naam kan ik makkelijk onthouden want mijn broer heet ook Conrad.

Het monument bij Kamp Conrad. De barakken stonden in het weiland achter de bomen.

In Rouveen is niet alleen een monument voor de Melkbus er is ook een monument voor het aldaar gelegen woonoord. Dit is het grootste monument voor een Moluks woonoord dat ik tot nu gezien heb. Het kleine bordje langs de weg met de tekst “hier was kamp Conrad” valt erbij in het niet. Het monument ligt aan een doodlopend weggetje aan de overkant van het kanaal. En ook al ligt het naast een soort van depot voor bouwmateriaal, de plek zelf straalt een bepaalde rust uit. Er staat een informatiebordje en een bankje zodat je even kunt gaan zitten en de plek tot je kunt nemen. Op het informatiebord staat de geschiedenis van de kampen in de gemeente Staphorst. In 1928 is kamp Conrad gebouwd als arbeiderskamp. In de Tweede Wereldoorlog zaten er enige tijd Joodse mensen en na de oorlog heeft er een landbouwschool gezeten. Het monument is een initiatief van de Stichting Herinnering Kamp Conrad 1954-1966, die ook een website hebben ter herinnering aan het kamp. Van het kamp zelf is niets meer over, daar ligt nu een weiland.

Plattegrond van het kamp van de website Kamp Conrad. Op de website staan de familienamen die bij de barakken horen. E: kantoor, F: woning van de beheerder, G: Centrale keuken, H: kerk, I: kantine.

In mei 1954 kwamen er 23 Molukse gezinnen naar kamp Conrad. De mensen waren verdeeld over 4 barakken en hoopte na twee jaar in andere kampen een wat vastere plek om te wonen te krijgen. De mensen zouden er ruim tien jaar wonen.

In april 1955 was er een contactavond met de gereformeerde vrouwen vereniging Vollenhove-Cadoelen. Er werden liederen gezongen in het Maleis en het Nederlands. Taal was nog een probleem voor communicatie daarom zong men graag op dit soort avonden (ieder in de eigen taal). Ook werden er kledingpakketten uitgedeeld. Opmerkelijk is dat het gaat om de vrouwenvereniging uit Vollenhove dat bijna 20 kilometer naar het westen ligt. Je zou denken dat men toch dichterbij ook zulke verenigingen moet hebben gehad. Als in 1956 de zelfzorg regeling wordt ingesteld, wordt er niet geprotesteerd door de Molukker van de Crams en Kei-eilanden, waaronder die in kamp Conrad. De vrouwen zijn zelfs blij met de keuken ook al ziet men in dat door dit de teruggang naar een vrij Molukken nog verder weg zal zijn. In December 1959 woedt er een felle brand waarbij het kantoor en de woning van de beheerder totaal verwoest worden. Er kan wat administratie en inboedel gered worden. Gelukkig blijven de overige woonbarakken ongedeerd en vallen er geen slachtoffers.

In de begin jaren zestig wordt begonnen met het nadenken over andere behuizing voor de mensen uit kamp Conrad. Het kamp voldoet niet meer aan de eisen. De bewoners gingen verspreid door Nederland in de Molukse wijken van Delfzijl, Nijverdal en Eerbeek wonen. Een deel van de bewoners wilde echter in Rouveen blijven ondanks het over het algemeen geringe contact met de lokale bevolking en dat gebeurde ook. In 1965 heeft men het in de gemeenteraad over de bouw van enkele woningen voor de Molukse dorpsgenoten. Na al die jaren zijn er nog steeds mensen die de Molukse bewoners liever zien gaan. Een SGP-raadslid noemt de Molukse mensen agressief en hij begrijpt niet waarom ze naar Nederland gehaald zijn. Dit laat zien hoe weinig sommige mensen weten van de omstandigheden waaronder de woonoorden zijn ontstaan, terwijl zij al 10 jaar in de nabijheid daar van leven. Dit toont nogmaals de gescheiden werelden aan. De burgemeester is meer op de hoogte en zegt dat deze mensen veel voor de koningin en het vaderland hebben gedaan en een goede behuizing verdienen.

In 1989 werd er met steun van de gemeente een reünie georganiseerd op mede-initiatief van Erwin Talahatu. De burgemeester (een andere dan in 1965) vond dat de Nederlanders nog een ereschuld aan de Molukse mensen had. Volgens hem waren de overgebleven Molukse bewoners in Staphorst goed geïntegreerd en dit bleek uit het delen van het gebouw van de kerk en dit zonder dat men de eigen cultuur geheel moest opgeven. Er kwamen ongeveer 500 mensen naar de reünie, die bestond uit een kerkdienst, ballonnen, sport, en een feest. In 2007 vindt er opnieuw een reünie plaats, ditmaal in Nijverdal waar een deel van de voormalige bewoners naar toe is verhuisd. En uit de organisatie hiervan volgt de oprichting van de Stichting Herinnering Kamp Conrad 1954-1966.

Detail van het monument bij kamp Conrad.

In 2011 wordt door deze stichting het monument gerealiseerd. Het monument is op een vaste steiger in het water gebouwd. De pyramide-vormige houten opbouw symboliseert een Moluks dorpshuis met het glas als de kleurrijke gemeenschap. Onder het afdak is een vierkante vijver met in het midden een grote steen die staat voor de kracht van de Molukkers. Om de steen liggen kleinere stenen die de eilanden symboliseren. Op de rand van de vijver zijn op elke hoek de namen van de families per barak te lezen. Jammer genoeg ontbreken er enkele bordjes. Op de rand staat te lezen: Hier leefden zij met Ambon in hun hart, fier in hun aard en onafhankelijkheid, als vreemdelingen onder autochtonen, twee werelden in afgezonderdheid. Het is een eigenzinnig monument dat opvalt. Jammer genoeg heeft het monument de laatste tijd last van vandalisme vertelt de lokale beheerder Danny Talahatu in de lokale media. Dit is verergerd door de Corona-crisis waardoor jongeren zich vervelen. Hij is nog mild over de vandalen, maar het raakt hem wel. Hij leidt het gedrag terug tot onwetendheid over het belang voor deze plek voor de Molukse bewoners. Dat is toch een trieste conclusie: dat er nog steeds niet genoeg kennis is bij de lokale witte bevolking die deze plek nu toch al ruim 65 jaar met de Molukse mensen deelt.

Kamp Beugelen te Staphorst

Afgelopen weekend gingen we voor een onderzoek naar de geschiedenis van ons huis naar het waterloopkundig bos bij Marknesse waar het Noordereiland in Rotterdam is nagemaakt op schaal. Nu we toch al onderweg waren konden we ook wel even doorrijden naar de woonoorden Beugelen en Conrad. Hier het verslag van het bezoek aan kamp Beugelen. Kamp Conrad komt een volgende keer aan de beurt.

Kamp Beugelen op de topografische kaart van 1958.

Kamp Beugelen ligt ten noordoosten van Staphorst ter hoogte van de Gemeenteweg 383. Naast de weg staat een klein bordje met als enige informatie: Hier was Kamp Beugelen. Het is nu een klein woonerfje met 30 huizen. Van het oorspronkelijke woonoord is weinig terug te vinden. Het lijkt erop dat de perseelgrenzen niet zijn veranderd. Daarnaast is er nog steeds een driehoekige open ruimte waar vroeger de blusvijver lag. Dit is nu een speelveldje met wat bomen.

Het huidige speelveldje in kamp Beugelen.

Op woensdag 25 april 1951 kwamen er 21 gezinnen naar Staphorst die enkele dagen later door nog eens 63 gezinnen gevolgd werden. In totaal woonden er 400 mensen in het woonoord dat bestond uit zeven groen geschilderde barakken en twee plaatijzeren loodsen van het Amerikaanse leger (canon van Nederland). Vier maanden later speelt men al een vriendschappelijke voetbalwedstrijd met de lokale bevolking.

Het is een tijdje rustig in het kamp maar er ontstaan toch wrijvingen en vechtpartijtjes tussen de BPRMS (de meerderheid) en de CRAMS in oktober 1952. De meest vijf invloedrijke CRAMS mannen zouden per bus overgeplaatst worden naar Woerden en Heythuizen, maar toen wilde 30 anderen CRAMS families ook mee. De overige mannen stapten in de bus die voor de vijf gezinnen was bedoeld en weigerde uit te stappen. Zij bleven ruim 10 dagen in de bus terwijl de vrouwen regelmatig eten en waswater kwamen brengen. Ondertussen was er een flinke politiemacht aangetreden om de boel te controleren en vond er overleg plaats tussen de gemeente, de kampleiding en een vertegenwoordiger uit Den Haag. Op zich bleef het verder rustig in het kamp en het conflict escaleerde niet. Uiteindelijk wordt de groep na bijna twee weken protest naar een ander kamp verhuisd. Servaas Maturbongs heeft aangegeven dat de families (inclusief zijn eigen familie) naar Rijckholt zijn verhuisd. De rust keerde terug, maar als 9 maanden later een nieuwe inwoner (J. Kajadoe) verdacht wordt van anti-BPRMS sympathieën moet hij het ontgelden en wordt met steekwonden opgenomen in het ziekenhuis. Gelukkig vallen de verwondingen mee. De dader J.P. wordt later tot een week gevangenisstraf veroordeeld. De dader gaat zijn straf willig ten onder met de woorden dat het slachtoffer bij terugkomst in een vrij Ambon zal boeten voor zijn onvaderlandslievend gedrag. Dit laat zien hoe men er nog vanuit ging dat men naar een vrije Molukse staat zou terugkeren. Het slachtoffer is na het incident naar een ander kamp verhuisd.

De bus bij kamp Beugelen met protesterende CRAMS leden (foto uit Trouw).

In oktober 1954 vind er een tragedie plaats in Beugelen. Terwijl enkele kinderen spelen op het zware ijzeren toegangshek tot het kamp breekt een scharnier af en het hek valt op de kinderen. Een vijf- en zevenjarig kind overlijden aan hun verwondingen, terwijl een derde kind zwaargewond raakt. Vele kranten doen verslag van dit treurige ongeval.

Kamp Beugelen komt vaak negatief in het nieuws en in september 1957 wordt een man uit het kamp aangehouden nadat hij 1200 gulden heeft gestolen uit een afgelegen boerderij. Voor die tijd was dat zeer veel geld. Enkele jaren later zou de kantine van het kamp zelf slachtoffer worden van een inbraak waarbij 300 gulden en eten en drinken wordt buitgemaakt.

Kamp Beugelen op een mooie lentedag, foto Moluks Historisch Museum F95_1873.

Gelukkig gebeuren er ook mooie dingen zoals in 1960 het huwelijk tussen Petrus Tuasaum en Augustina Sahepaty dat ook in de krant verschijnt. Hun namen kunnen ook verkeerd geschreven zijn in de krant, mogelijk heten zij Petrus Tuasuun en Augustinus Sahetapy (met dank aan Ellen Hitipeuw-Palyama)

Ergens tussen 1963 en 1965 moeten de Molukse bewoners het kamp hebben verlaten want in 1965 is het kamp in gebruik als vakantieoord voor West-Duitse kinderen en hebben er in totaal 14.000 overnachtingen plaatsgevonden. Na de sluiting van het vakantieoord wordt het kamp afgebroken..